29-11-16

Asjemenou.

Vorige zaterdag samen met Jente een dagje bij onze noorderburen doorgebracht. Daar werd in Ede de jaarlijkse Landelijke Dag van Sovon gehouden. En ik durf na één deelname nu al te stellen dat ze mij daar volgend jaar opnieuw gaan tegenkomen.

Een mooi programma met een grote variatie aan lezingen in vijf zalen. Meer dan 2.000 deelnemers. En meer dan 140 standhouders die op één of andere manier met vogels kijken gelinkt waren. Een organisatie waar het professionalisme vanaf spatte. 

17_DO_SovonLD12_216_uitsnede.jpg

Wat hebben we geleerd ?

Het jaar van de kievit leverde in Nederland interessante maar enigszins merkwaardige gegevens op. Zo bleken kieviten die maisakkers verkozen boven grasland succesvoller dan hun soortgenoten die liever tussen de grassprietjes een nestje maakten. De belangstelling voor roofvogels zoals slechtvalk en visarend is groot want wij geraakten niet meer binnen in de zaal. Het aantal zeearenden dat in Nederland rondvliegt is flink gestegen (zo vertelde een bekende voor ons, Stef Van Rijn). Wilde zwanen overwinteren graag in Griekenland en gaan dan dineren in de Turkse rijstvelden. Het is in Nederland moeilijker om een scholekster zonder ringen te zien, dan eentje met. Tapuiten die er vroeger aan beginnen leven langer. Huismussen van Noordwijk zijn geen fans van de oude stad. En zwarte leeuweriken in Kazachstan bouwen een muurtje met koeiestront om uit de wind te zitten.

Icoon.

Maar de lezing die mij het meest fascineerde was die van vogel-icoon Nick Davies. Hij bracht een geweldig verhaal over zijn onderzoek over de koekoek met de titel "Cuckoo, cheating by nature".

Nick.jpg

Nick Davies

Mister Davies (want wij durven tegen de meester niet zomaar Nick zeggen) gaf ons uitleg over de voortdurende strijd tussen de koekoek die zijn ei kwijt wil raken en de waardvogels die dat liever niet in hun nestje krijgen. Door zo gelijkend mogelijke eieren als zijn gasten te leggen en dit zo snel en onopvallend mogelijk uit te voeren probeert het wijfje koekoek de waadvogels te verschalken. Vaak met succes.

Bij sommige soorten slagen koekoeken uit meer exotische landen er ook in om jongen uit hun ei te laten komen die verdomd goed lijken op die van de waardvogels. De gasten leren dan weer die eieren te herkennen. Zo bleek uit onderzoek dat oudere vogels bij het vervangen van al hun eieren telkens ze er eentje bijlegden door een ander exemplaar deze vaker allemaal uit hun nest kieperden. Terwijl jonge vogels al deze nepeieren dikwijls wel aanvaarden.

Maar het meest verrassende was toch zijn verhaal waarom de waardvogels die enorme jonge koekoek zo veel voedsel blijven brengen. Bij onderzoek waar de jongen in het nest werden verwisseld met een jonge merel bleek dat de ouders, omdat er maar één jong was, genoeg brachten voor één jong van hun formaat. Onvoldoende voor een merel en zeker voor een koekoek. Hoe kreeg dat koekoeksjong die waardvogels dan zo ver om veel meer voedsel te brengen ? Wel, nu bleek dat dat jong zijn bedelroep laat lijken op die van verschillende jongen in een nest. In plaats van één piepje, even zwijgen en opnieuw één piepje. Roept de jonge koekoek piep-piep-piep-piep zodat de ouders denken dat er veel meer jongen zijn en ze dus meer voedsel moeten aanbrengen. Fascinerend, nietwaar ?

265px-Reed_warbler_cuckoo.jpg

23-10-16

Op missie.

Missie 1 : De jeugd.

Dit weekend stond volledig in het teken van het overbrengen van de microbe "vogels kijken". Vrijdag startte ik met een flashback die kan tellen. Mijn oorspronkelijke roeping van leerkracht werd uit de oude kast gehaald. En ik trok naar basisschool De Bron om de leerlingen van het 5de te laten kennis maken met de coolste hobby van de wereld, birdwatching.

En dat bleek een dikke meevaller. Maar liefst 40 leerlingen waren twee uren lang geboeide luisteraars. En hun opdrachten om foto's van vogels om te zetten in de juiste soort bleek zeer succesvol. Tot mijn verbazing (en die van hun leerkracht) kon bijna iedereen zonder fout koolmees, wintertaling, grote bonte specht en boomvalk determineren. Mijn mond viel nog iets verder open toen bij die grote bonte een groepje op syrische bonte uitkwam. En een andere leerling merkte zomaar eventjes op dat dit niet klopte omdat de zwarte tekening op de zijkop iets anders was. Toen ik hem vroeg om dit even uit te leggen tekende hij zonder de foto te zien perfect de tekening bij een grote bonte specht op het bord. Iets wat menig ervaren vogelkijker met veel moeite en zonder zijn vogelgids niet altijd gaat lukken.

Ik denk dat ik toch wel een paar verse jonge birdwatchers de aanzet van de microbe heb aangereikt.

14642054_312410902462096_738692217016823392_n.jpg

Toekomstige birdwatchers in actie.

Missie 2 : de cursisten.

Zaterdagmorgen stond ik dan weer om 8u klaar om een aantal deelnemers aan de cursus "vogels kijken" te begeleiden. Het succes van deze cursus was zo groot dat men genoodzaakt was om de excursies op te splitsen. ik was dan ook met alle plezier depaneur van dienst.

Het werd een leuke ervaring. Onderweg probeerde ik hen wat tips te geven hoe ze hun nieuwe hobby best aanpakken. En ook de vogeltjes deden hun best om hen te overtuigen om dit vol te houden. Veldleeuwerik, graspieper en stevige groepen houtduiven op trek. Vinken, een roepende keep en een vlucht groenvinken op de wildakkers. Tikkende roodborstjes, roepende heggenmussen en alarmerende merels, zanglijsters en mezen waren ook van de partij. Aan hen zal het alvast niet liggen als de cursisten afhaken. Ik ben er trouwens vrij zeker van dat ze dit niet gaan doen.

groenling0001-4.jpg

Missie 3 : Polen veroveren.

Neen, ik heb geen invasie gepland. Integendeel. een aantal weken geleden maakte ik kennis met Karol Grabski. Een Pool die als seizoensarbeider werkzaam is een paar straten verder dan mijn huisje. Hij is een fervent vogelkijken en  - fotograaf. Dat laatste met veel kunde als ik zijn website even ga bekijken.

Ik had hem beloofd om samen eens ergens in de buurt vogels te gaan kijken. Na een paar uitgestelde afspraken was het deze zondag er dan toch eindelijk van gekomen. Doel van onze uitstap : De Wijers in Zonhoven. En dat bleek een goede zet. De eerste groepen overwinterende eenden, een stevige groep grote zilverreigers, een waterpieper en als hoofdact een pleisterende visarend stonden op ons lijstje. Dit leverde een brede glimlach op bij Karol en een uitnodiging om eens naar Polen af te reizen. En voor mij weer eens de superervaring om samen naar vogels te kijken. Dat doe ik echt veel te weinig.

visarend3.JPG

De vedette van het weekend.

Neem ook eens een kijkje op de website van Karol, echt de moeite. www.karolgrabski.pl

 

17-10-16

Torenvalken-tijd.

Omdat de resultaten op mijn ringplek redelijk gedaald zijn heb ik de muisjes geactiveerd. Dat wil dus zeggen dat we gestart zijn met het ringen van torenvalken. Tijdens het broedseizoen kregen heel wat pulli een ring rond de poot. En nu zijn de adulte of 1ste jaars vogels aan de beurt.

torenvalk jos0001-2.jpg

Zijn het geen beauty's ?

Fifty.

Ondertussen staat de teller al op 50 stuks voor dit jaar. In januari werden er 12 van een ring voorzien en 18 gecontroleerd. Dit najaar deed ik er daar nog eens 20 bij. Hiervan kregen er 13 een ring en werden er 7 gecontroleerd. 

En telkens vraag ik mij af waar die meer dan 500 pulli die we in onze regio geringd hebben allemaal naartoe zijn. Want als die gebleven waren zat er in elke straat of steeg wel een torenvalk te wachten op mij. Maar dat is zeker niet het geval. Uit de literatuur blijkt dat de meer zuidelijkere populaties in hun broedgebied blijven. De meer noordelijkere populaties zijn dan weer echte trekvogels. Jonge vogels moeten gedwongen door de adulte vogels, hetzij broedparen of vogels die komen overwinteren in onze regio, andere oorden opzoeken. Waar ze terecht komen wordt voor het grootste deel bepaald door de aanwezigheid van voedsel. Zo merk ik dat op goede plekjes elk jaar weer vogels opduiken. Maar er blijven heel veel vragen. 

Daarom heb ik dan ook een poging gedaan om een telling te organiseren. Bedoeling is om een vast traject elke maand te tellen op torenvalken (en omdat we toch bezig zijn pakken we alle andere roofvogels graag mee). Zo kunnen we zien of er meer of minder exemplaren aanwezig zijn elke maand. En als we dit lang genoeg volhouden dan krijgen we heel interessante gegevens over fluctuaties in aantallen.

Terug.

En wat ook heel leuk is zijn de terugmeldingen. Heel vaak vang ik geringde torenvalken. Daar kan je dan van te weten komen waar ze geringd werden. Heel boeiend. Zo ving ik vandaag 3 exemplaren met een ring rond hun poot. Eentje was niet van onze werkgroep, dus dat is nog even afwachten. Maar de andere twee waren allebei beesten die ik zelf als pulli had geringd. Beiden ving ik in Gingelom, eentje was in juni dit jaar door mij geringd in Vliermaal. De andere was 2 jaar oud en werd door mij geringd op 2 juni 2014 in Nieuwerkerken.

Een tijdje geleden kreeg ik alle terugmeldingen sinds 1990 van het KBIN. Samen met Jente die als (bijna) dokter in de biologie wel raad weet met die gegevens wil ik deze eens grondig bestuderen. En hopelijk krijg ik alles in een artikel gegoten. Want de komende jaren gaan torenvalkjes de soort zijn waar ik heel veel tijd en energie ga insteken. Gewoon omdat ze het verdienen.

torenvalk0001-3.jpg

Mijn nummer 1 voor de komende jaren.

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende